waar ik niet in meega…
Laatst kreeg ik weer zo’n folder onder ogen. Een klankheler beloofde genezing op celniveau, “trillingen die je DNA herstellen”, en een frequentie die precies jouw blokkades zou oplossen. Mooie woorden, indrukwekkende beloftes. Toch werd ik er vooral moe van. Want na dertig jaar werken met de drum weet ik één ding zeker: wie zulke dingen belooft, verkoopt lucht.
In dit stuk wil ik daar eerlijk over zijn. Niet om iemand af te vallen, maar omdat ik geloof dat de sjamanendrum iets echts te bieden heeft — en dat die echte waarde juist ondergesneeuwd raakt onder een berg onbewezen claims.
Waarom die grote beloftes me tegenstaan
Mijn bijnaam, De Poldersjamaan, kreeg ik niet voor niets. Ik ben iemand die altijd meer vragen heeft dan antwoorden, en die pas enthousiast wordt als hij iets werkelijk vertrouwt. Geloven op gezag is nooit mijn ding geweest. Daarom prikkelt het me telkens weer wanneer de wereld van klank en energie volstroomt met stellige beweringen die niemand kan waarmaken.
Neem de bekende “wonderfrequenties”. Volgens sommigen geneest 528 Hz je cellen en repareert 432 Hz je hele wezen. Klinkt prachtig, alleen klopt er wetenschappelijk niets van. Er bestaat geen enkel serieus bewijs dat een specifieke toon ziekte wegneemt of je erfelijk materiaal herstelt. Bovendien schuift zo’n belofte de aandacht weg van wat er werkelijk gebeurt tijdens het spelen.
En daar zit mijn echte bezwaar. Grote claims maken mensen afhankelijk van een wonder dat nooit komt, terwijl de drum juist iets teruggeeft wat wél waar is. Wie genezing belooft en niet levert, beschadigt niet alleen zijn eigen geloofwaardigheid — hij ondermijnt het vertrouwen in het hele veld.
Het woord medicijn is een valkuil
Hier moet ik even stilstaan, want juist dit woord zorgt voor veel verwarring. Straks zeg ik namelijk: een drum is geen medicijn. Toch klopt die uitspraak alleen als je “medicijn” leest zoals wij het in het Westen gebruiken — een pil, een chemisch middel, iets wat een ziekte bestrijdt.
In veel inheemse tradities betekent medicijn iets heel anders. Daar is medicine geen middel dat je slikt, maar de spirituele essentie die balans herstelt. Een plant kan medicijn zijn, een lied, een ceremonie — en ja, ook een trommel. Het woord “medicijnman” ontstond trouwens pas toen Europeanen het Franse médecin, dokter, op de inheemse heler plakten. Een vertaalfout dus, die eeuwenlang is blijven hangen.
Daar zit precies de valkuil. Wanneer ik zeg dat een drum geen medicijn is, bedoel ik: verwacht geen pil, geen wondermiddel, geen chemische ingreep. Maar als je medicijn verstaat op de oude, sjamanistische manier — als datgene wat je heel maakt en in verbinding brengt — dan kan een sjamanendrum wel degelijk medicijn zijn. Niet omdat een frequentie je DNA repareert, maar omdat spirit, ritme en verbinding samen iets in beweging brengen.
Het gevaar schuilt dus in de vermenging. Verkopers van wonderfrequenties lenen de spirituele taal van medicijn, maar plakken er de beloftes van de farmaceutische wereld aan vast. Zo ontstaat het slechtste van twee werelden: een ziel die je niet kunt bewijzen, gecombineerd met een genezing die niet bestaat.

Wat een sjamanendrum niet is
Laat ik het daarom scherp stellen, in de westerse betekenis van het woord. Een drum is geen geneesmiddel. Een drum stelt geen diagnose, geneest geen kanker en lost geen trauma op met één sessie. Ook een zelfgebouwde sjamanendrum, hoe krachtig die ook voelt, blijft een instrument en geen dokter.
Verder wantrouw ik het idee dat je met de juiste frequentie precies dít of dát effect kunt “programmeren”. Zo werkt een mens niet. We zijn geen machines die je met een toon bijstelt. Wie dat beweert, verwart marketing met werkelijkheid.
Toch betekent dit alles niet dat de drum niets doet. Integendeel.
Dít kan een sjamanendrum wél
Hier wordt het interessant, want wat overblijft als je de onzin wegstreept, is nog altijd bijzonder. Ik zie het in elke groep, keer op keer.
Een drum brengt mensen samen. Wanneer een groep samen ritme maakt, ontstaat er iets wat je niet hoeft te verzinnen of te beloven — het gebeurt gewoon. Mensen ontspannen, ademen dieper, en voelen zich verbonden met elkaar en met zichzelf. Dat is geen mystiek, dat is ervaring die je ter plekke kunt zien.
Daarnaast doet ritme iets met je aandacht. Een gelijkmatige puls neemt je mee, weg van de maalstroom in je hoofd, naar een rustiger plek van waaruit nieuwe inzichten kunnen opkomen. In mijn eigen taal noem ik dat werken met spirit: de drum is spirit, en spirit is vrij. Niet als toverformule, maar als een manier van aanwezig zijn en spelen met intentie.
En dan is er nog het bouwen zelf. In mijn workshops sjamanendrum bouwen zie ik telkens dezelfde ontroering. Aan het eind van de dag hoor ik: “Wat heerlijk om met mijn handen iets te maken, ik weet niet eens meer hoelang dat geleden is.” Of: “Wat is dit meditatief, ik voel me blij en rustig.” Iets met je handen maken doet iets met een mens dat verder reikt dan het instrument dat je overhoudt. Het brengt je tot rust, en tot jezelf. Dát is energie die je niet hoeft te verkopen, want je voelt haar gewoon.

Waarom eerlijkheid krachtiger is dan een wonder
Sommigen denken misschien dat ik de magie uit mijn eigen werk haal door zo nuchter te zijn. Ik ervaar het tegenovergestelde. Juist doordat ik niets beloof wat ik niet kan waarmaken, klopt alles wat ik wél zeg.
De energie die je voelt in een drumcirkel is echt. De rust na een dag drumbouwen is echt. De verbinding in een groep is echt. Ik hoef daar geen frequenties bij te verzinnen die je DNA repareren, want de waarheid is al mooi genoeg. Sterker nog: die waarheid is duurzamer dan welk wonder ook, omdat ze niet afhangt van geloof maar van ervaring.
Tot slot: vertrouw je eigen ervaring
Mijn advies aan iedereen die met klank en energie werkt, is simpel. Geloof niet zomaar de grote woorden, ook de mijne niet. Ga zelf voelen, zelf spelen, zelf een sjamanendrum bouwen. Merk wat er gebeurt in je lijf en in de groep. Vertrouw wat je ervaart, en wees kritisch op alles wat je een wonder belooft.
Want uiteindelijk is dat de kern van mijn werk als Poldersjamaan: niet verkopen wat niet bestaat, maar zichtbaar maken wat er werkelijk is. En dat, zo blijkt telkens weer, is meer dan genoeg.



0 reacties