sjamanistische genezing

Alle thema’s

Ziel, geest en genezing

wat de Hmong-sjamanen mij leren over mijn eigen pad

Onlangs las ik een artikel van antropoloog Zhengfu Chen over sjamanisme bij de Hmong in het zuidwesten van China. Het beschrijft het verhaal van Fang, een vrouw uit een dorp in de provincie Guizhou die borstkanker kreeg en zowel ziekenhuiszorg als traditionele sjamanistische genezing zocht. Terwijl ik het las, herkende ik veel. Niet omdat ik zelf Hmong-tradities beoefen, maar omdat de onderliggende logica — dat er meer is dan wat we met het blote oog zien, en dat die onzichtbare laag ons kan helpen bij genezing en inzicht — al dertig jaar de kern vormt van mijn eigen sjamanistische genezing werk.

Het verhaal van Fang

Fang leeft in het dorp Gazhai en is een ervaren batikmaakster. Toen ze in 2020 de diagnose borstkanker kreeg, koos ze niet voor het een óf het ander. Ze onderging medische behandeling in het ziekenhuis, en tegelijkertijd riep haar familie een sjamaan erbij.

Volgens de Hmong-traditie bestaat een mens uit een lichaam én een levende ziel, die tijdens hevige schrik, ziekte of de invloed van kwade geesten los kan raken van het lichaam. Buren opperden dat Fangs ziekte samenhing met een verstoorde balans in het huishouden: gasten die zich niet gepast hadden gedragen, een voorouderritueel dat misschien niet zorgvuldig genoeg was uitgevoerd. De sjamaan onderzocht dit via rijstdivinatie, reisde tijdens een trance naar de wereld van de voorouders om Fangs ziel terug te halen als sjamanistische genezing, en sloot het ritueel af met offers en een gedeelde maaltijd.

Opvallend is hoe voorzichtig Fang zelf over de uitkomst spreekt. Ze zegt niet dat het ritueel haar kanker genas. Wel merkte ze dat de aanwezigheid van de sjamaan, zijn advies en het ritueel haar angst verminderden en haar het gevoel gaven dat er iets gedaan kon worden aan de diepere oorzaken van haar lijden. Een jaar later kon ze weer meewerken in de rijstoogst en had ze haar batikwerk hervat.

ervaren batikmaakster

Lichaam en ziel als eenheid

De Hmong scheiden lichaam en ziel niet. Gezondheid is voor hen een kwestie van fysieke conditie, maar evengoed van de relatie met voorouders, geesten en de natuurlijke wereld om je heen. Bergen, rivieren, bomen en dieren dragen een eigen spirituele kwaliteit; de esdoorn geldt bijvoorbeeld als heilige boom, verbonden met de voorouders, en het hout ervan wordt gebruikt voor rituele trommels die als brug tussen levenden en doden functioneren.

Toen ik dat las, kreeg ik kippenvel. Bij De Poldersjamaan bouwen wij onze trommels namelijk al jaren met es en wilg. Niet toevallig, maar vanwege de kwaliteit van beide houtsoorten: es is sterk en tegelijk flexibel, precies wat een trommel nodig heeft. En de wilg is mijn eigen polderboom van de eerste orde — steek een tak in de grond en er groeit een boom uit, taai en springlevend, en het hout is uitstekend geschikt voor een drum. Dat de Hmong aan de andere kant van de wereld uitkomen bij dezelfde eigenschappen in hun heilige trommelhout, voelt niet als toeval maar als bevestiging van iets dat blijkbaar universeel klopt.

Deze visie sluit nauw aan bij hoe ik zelf al decennia naar de wereld kijk. Er is meer dan we zien. De essentie — vaak energie of spirit genoemd — maakt dat je meer kunt waarnemen en weten, en helpt je bij het oplossen van je problemen. Bij mij waren het vooral de spirit van planten, stenen, elementen en voorouders waarmee ik mensen liet kennismaken, en die ik uitnodigde om mee te werken in coaching- en sjamanistische genezing.

Mijn eigen weg sinds 1995

Sinds 1995 geef ik een eigen mix van traditionele sjamanentrainingen, die je vooral spirit-driven zou kunnen noemen. Trommels bouwen was daarbij tot 2020 eigenlijk een extraatje naast het eigenlijke werk: mensen leren werken met de spirit van planten, stenen, elementen en voorouders als bron van kennis en heling.

Dat is dezelfde beweging die je bij de sjamaan van Fang ziet. Ook hij werkt niet alleen met de fysieke werkelijkheid, maar treedt in verbinding met een onzichtbare wereld om daar iets te vinden — in zijn geval Fangs ziel, gesymboliseerd door een spin die tijdens het ritueel werd gevonden. De spin was niet letterlijk de ziel die teruggeplaatst werd, maar het zichtbare teken dat een onzichtbaar proces was voltooid. Zulke symbolische bevestigingen ken ik ook uit mijn eigen praktijk: een teken, een beeld, een lichamelijke sensatie die aangeeft dat er iets verschoven is.

traditie west china

Een eerste ontmoeting in 2008

Dit alles is voor mij geen recente ontdekking. In 2008 was ik voor het eerst in China en reisde ik een maand lang langs de bekende plekken. We begonnen in een hutong in Beijing die inmiddels niet meer bestaat — platgemaakt voor de vooruitgang, zoals zoveel hutongs. Ook toen al gaf ik volop trainingen vanuit mijn sjamanistische leven, en China maakte destijds een enorme sjamanistische indruk op me.

De vier windrichtingen, de voorouderverering, de Chinese kruidengeneeskunde: het waren stuk voor stuk bevestigingen van dingen die ik zelf al leefde en onderzocht. Ik herinner me een apotheek met twee balies naast elkaar — de ene voor traditionele kruiden, de andere voor chemische geneesmiddelen. Mijn reisgenoot vertelde me dat Chinezen, net als Fang later zou doen, vaak allebei namen. Niet uit onzekerheid, maar om zeker te weten dat minstens één van de twee zou werken.

Waarom Zuidwest-China me roept

Toen ik jaren later in Chengdu was, hoorde ik van vrienden daar al signalen dat mijn dertig jaar shamangroepswerk op die plek zou kunnen landen. Het artikel over Fang bevestigt waarom dat gevoel klopt — en de lijn is eigenlijk al in 2008 begonnen, in die hutong die er niet meer is. Zuidwest-China, met zijn etnische diversiteit en levende sjamanistische tradities, is geen plek waar spiritueel werk als curiosum wordt bekeken. Het bestaat er, zoals het artikel laat zien, gewoon náást de reguliere gezondheidszorg — niet als concurrent, maar als aanvulling.

Soms is het bijna beangstigend hoe vanzelfsprekend dat voelt. Alsof ik daar altijd al naartoe onderweg was, en het alleen nog moest gaan gebeuren.

Dat is precies de ruimte waarin ik wil werken: niet als alternatief voor dokters en ziekenhuizen, maar als iemand die mensen helpt de onzichtbare laag van hun leven — hun relatie tot voorouders, natuur en de eigen ziel — weer in balans te brengen.

sjamanistische genezing

Een voorzichtige kanttekening bij sjamanistische genezing

Het is belangrijk om hier zorgvuldig in te zijn. Fang zelf claimt niet dat het ritueel haar kanker genas, en dat doe ik ook niet over mijn eigen werk. Sjamanistische praktijken vervangen geen medische behandeling. Wat ze wél kunnen bieden, is een taal voor angst en onzekerheid, een gevoel van betekenis in het lijden, en een manier om als familie of gemeenschap samen iets actiefs te doen tegenover ziekte.

Het verhaal van Fang laat zien dat dit geen tegenstelling hoeft te zijn. Ziekenhuis en ritueel, wetenschap en spirit, kunnen naast elkaar bestaan — en misschien is dat ook precies waar ik, na dertig jaar in de Polder, nu naartoe onderweg ben: naar een plek waar die twee werelden elkaar niet uitsluiten, maar versterken.

0 reacties

Een reactie versturen

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *